De meest bekende plek in Beijing is natuurlijk de Verboden Stad. Dit stond dan ook bovenaan mijn lijstje van dingen die ik wilde bezichtigen. Voordat je naar de Verboden Stad gaat kom je op het Plein van de Hemelse Vrede. Dit is de plek waar je het enorme portret ziet van Mao Zedong. Tijdens het zeventig jarig bestaan van de Volksrepubliek had ik op dit plein gestaan, samen met honderdduizenden Chinezen, expats en toeristen (en ja, dit past want het Plein is 22x zo groot als de Dam in Amsterdam). Het was tijdens het hoogtepunt van mijn cultuurshock. De Verboden Stad was destijds dicht, maar ik besloot het weekend erop het nog eens te proberen.

Mijn eerste vrije zaterdag maakte ik plannen om er heen te gaan. Rond 12 uur in de middag kwam ik aan op Metrostation Tiananmen East. Daarna heb ik als een kip zonder kop rondgelopen, helemaal overdonderd door alles wat ik zag. Toen ik eenmaal op het plein was, was het al drie uur. Er waren geen tickets meer. De week erop probeerde ik het weer, maar door een hevige regenval (wat niet vaak voorkomt) besloot ik op het laatst om toch maar wat anders te bezoeken. Drie keer is scheepsrecht toch? Niet helemaal. De derde keer dat ik naar de Verboden Stad ging had ik een geel papiertje mee, aangezien mijn paspoort bij het politiebureau lag voor mijn verblijfsvergunning. Dit gele papiertje zou voldoende moeten zijn om binnen te komen. Ik probeerde online kaartjes te bestellen, maar zonder paspoort ging dit niet. Ik besloot daarom om naar het loket te lopen om met WeChat een kaartje te kopen. De man gaf echter aan dat er alleen met cash betaald kon worden. Cash? Alles in Beijing was met WeChat, maar uitgerekend hier had ik cash nodig? Net nu ik zo handig was geworden met mijn digitale portemonnee. Ik besloot een geldautomaat op te zoeken. Na dertig minuten kwam ik terug bij het loket: de tickets waren uitverkocht. Zucht.

De week erop kreeg ik mijn paspoort terug. Ik zette mijn wekker om 6:00 uur, vastbesloten om nu wel naar binnen te kunnen. Rond 9:00 uur ging ik onder de Poort van de Hemelse Vrede door. Met een ticket in de hand liep ik de Verboden Stad binnen. Het was gigantisch. Ik vond het plein al enorm, maar wat ik hier aantrof was immens.  

 

De Verboden Stad was het hart van China ten tijde van de Ming Dynastie (1368-1644) tot de Qing Dynastie (1644-1912). De stad is gesticht door keizer Yongle (1360-1424). De Verboden Stad was eigenlijk een stad in een stad, het gewone volk kon niet naar binnen en inwoners van de stad konden niet naar buiten. Tijdens de middeleeuwen in Europa was dit ook vaak het geval: horigen mochten de boerderijen niet verlaten zonder toestemming van de heer. De boerderijen waren autarkisch (zelfvoorzienend). De Verboden Stad was ook autarkisch, zo had ze haar eigen winkels en scholen. Vroeger was er een duidelijk verschil tussen het Binnenhof en Buitenhof van de stad. Het buitenhof bestond vooral uit woningen voor dienaren en het Binnenhof was bedoeld voor de keizer, zijn familie en het ambtenarenapparaat. Uiteraard heeft de Stad later nog veel meer meegemaakt: van burgeroorlogen tot wereldoorlogen. Hier ga ik niet verder op in, aangezien deze blog dan zal veranderen in een geschiedenisboek 😉

Om 17:00uur werd er omgeroepen dat de Stad zou gaan sluiten. Ik maakte nog gauw wat foto’s en liep de poort uit. Op een gegeven moment kwam er een bewaker achter mij aan rennen. Door alle indrukken was ik vergeten de walkman (is dit nog een gepast woord ervoor ;-)?) weer in te leveren. Toen ik eenmaal buitenstond en op de plattegrond van de Stad keek, zag ik dat ik pas de helft had gezien. Volgend weekend maar weer proberen?

1 gedachte op “#30 Naar de Verboden Stad”

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

WP-Backgrounds Lite by InoPlugs Web Design and Juwelier Schönmann 1010 Wien